QUA PATET ORBIS: BEZOEK KORPS MARINIERS

QUA PATET ORBIS: BEZOEK KORPS MARINIERS

reisvertraging, even na tien uur de Mariniers kazerne te Doorn binnen. Het Korps Mariniers opende exclusief voor stichting JASON de deuren van de marinierskazerne en geeft zo, vlak voor de officiële viering van het 350-jarig bestaan van het Korps, een unieke kijk achter de schermen.

Het programma startte met een duik in het reilen en zeilen binnen het Korps door Overste Jacco de Wolf. De Wolf sprak over de structuur van het Korps, het mariniers training commando (MTC) en certificeringen. Daarbij werd verteld dat de mariniers in een wat men noemt ‘drie jaar cyclus’ werken. Deze cyclus is opgebouwd uit één jaar (intensieve opleiding), waarna een team het daaropvolgende anderhalve jaar operationeel inzetbaar is. In het laatste half jaar vindt er ‘leegroof’ plaats. Hierbij worden mariniers overgenomen door andere eenheden binnen het Korps. De Overste ging uitgebreid in op het brede scala omstandigheden waarin mariniers moeten kunnen werken. Denk hierbij aan woestijn, jungle, bergachtige gebieden en lage temperaturen.

Na een kleine pauze vertelden drie mariniers (Frank, Mark en Florian) over hun ervaringen in Mali. De mariniers namen deel aan de missie MINUSMA in Mali waarvan o.a. het verzamelen van inlichtingen voor de Verenigde Naties een doel is. Gedurende de presentatie van het daaropvolgende vraaggesprek met Frank, Mark en Florian werd ingegaan op wat zij de valkuilen van MINUSMA noemden, het nut van de missie en de huidige situatie in Mali.

Om twaalf uur werd het theoretische gedeelte afgesloten en werd de kans geboden kennis te maken met het ‘echte’ werk van de mariniers. Na een korte wandeling over de kazerne werd de groep verteld over de SIM schietbaan van de mariniers: een elektronische schietbaan die als oefening dient voor de mariniers. Ondanks het feit dat er niet met echte kogels geschoten wordt, is de schieterervaring op de SIM baan met de Diemaco C7 erg realistisch. De deelnemende studenten en Young Professionals mochten dit zelf ervaren. De oefening begon met het schieten op een stilstaand doel, waarna er vervolgens in competitievorm op bewegende doelen (een kip) werd geschoten. Omdat elk schot geanalyseerd kon worden op de computer, kon iedereen zijn eigen ‘afwijking’ waarnemen.

Na de ervaring op de schietbaan, werd door het Korps een lunch aangeboden. Aangezien het bezoek op woensdag plaatsvond, kreeg de groep de beroemde ‘blauwe hap’ aangeboden. Volgens Overste Wolf is de ‘blauwe hap’ bij de Marine het lekkerst van alle krijgsmachtsonderdelen. De dag werd afgesloten met een korte presentatie van één van de officieren over het verdere werk van het Korps.

Een uniek bezoek waarin niet alleen meer bekend werd over het werk van het Korps Mariniers en reilen en zeilen van de organisatie, maar ook over specifieke missies. De kans zelf een trainingsonderdeel te mogen ervaren, werd zeer gewaardeerd. Geconcludeerd kan worden dat de lijfspreuk van het Korps Mariniers, Qua Patet Orbis (zo wijdt de wereld strekt), zo zeker van toepassing is.